Boek der Doden – Bezwering 42
17506
page-template,page-template-full_width,page-template-full_width-php,page,page-id-17506,bridge-core-2.6.1,qode-page-transition-enabled,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-content-sidebar-responsive,qode-theme-ver-24.6,qode-theme-bridge,transparent_content,disabled_footer_top,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-6.5.0,vc_responsive
 

Boek der Doden

 

Bezwering 42

BM 10471.17

BM 10471

 

Bezwering 42

 

Nakht weer de slachter af door de adoratie van 20 belangrijke godheden, gezeten in een schrijn met geopende deuren. Elk van de godheden is door naam geassocieerd met een onderdeel van Nakhts anatomie.

 

Onder: eerst een detail dan BM 10470 Rubriek van Bezwering 42

BM 10470.33

Bezwering 421

P1Bezwering voor het afweren van de schade die is gemaakt in Heracleopolis.
2[Om te zeggen door] N.:
S1O Land van de Staf! O Kroon van de Standaard! O standaard welke is geroeid!. Ik ben het kind (zeg 4 keer). O kind van de Oudste, gij hebt gezegd alleen vandaag: "Prepareer de plaats van executie, ook hetgeen dat gij weet".
Gij ben er naar gekomen, [┌merg┐ van de oudste]. Ik ben Re, eeuwig in gratie, ik ben de wervelkolom van de god in de tamarisk².
Hoe goed is het┌ om vlakbij hem te vertoeven.┐(Zeg) 4 keer.
Ik ben Re, eeuwig in gratie, ik ben de wervelkolom van de god in de tamarisk. Als ik gedij, dan gedijt deze dag.
2Mijn haar is Nun, mijn gezicht is Re; mijn ogen zijn Hathor; mijn oren zijn Upwawet; mijn neus is Zij die presideert over haar Lotus-blad; mijn lippen zijn Anubis; mijn tanden zijn Selqet, mijn snijtanden zijn Isis de godin; mijn armen zijn de Ram, de heer van Mendes, mijn borst is Neith de dame van Saïs; mijn rug is Suty, mijn fallus is Osiris; mijn spieren zijn de Heren van Kheraha, mijn borst is Hij Groots van Waardigheid; mijn buik en mijn ruggengraat zijn Sekhmet, mijn billen zijn het Oog van Horus; mijn dijen en mijn kuiten zijn Nut; mijn voeten zijn Ptah; mijn tenen zijn levende valken. Niet een van mijn ledematen is zonder een god en Thoth is degene die heel mijn beschermt.
3Thoth is de magische bescherming van mijn hele lichaam, ik ben Re elke dag. Ik zal niet worden gegrepen door mijn armen, ik wordt niet gegrepen door mijn handen. Mensen noch goden, noch de gezegende, noch de dode noch {mannen} noch patriciërs, noch enige gewone mensen, noch een zon-volk, zal mij van wat dan ook beroven.
4Ik ben iemand die gezond is opgestegen, wiens naam [niet bekend is]. Ik ben gisteren; mijn [naam] is, 'Hij Die een Miljoen Jaren Ziet', die is gegaan, die is gegaan langs de wegen van de Hoofd-examinatoren.
[Ik ben de heer der eeuwigheid, moge ik] geacht worden als Khepri. Ik ben de heer van de kroon van Opper-Egypte; ik ben iemand die samen is met het Heilige Oog.
(Gij van het ei, gij van het ei, ik heb het leven gekregen door hen. Ik ben iemand die samen met het Heilige Oog is, zelfs als die gesloten is. Ik sta onder zijn bescherming. Ik ben opgestegen en schijn, ik ben er in gegaan, ik leef. Ik ben iemand die samen met het Heilige Oog is.) Mijn zetel is op mijn troon. Ik woon in ┌het talud┐ er naast.
Ik ben Horus, die op miljoenen vernietigt, mijn troon is mij toegewezen, opdat ik er van af kan regeren. Ziet, de mond die sprak is stil en (voor) mij die in een normale positie was, ziet, mijn vorm is onderste boven. Ik ben Unnofer, keer op keer zijn zijn benodigdheden met hem, één voor één, (als) hij cirkelt. Ik ben iemand die samen met het Heilige Oog is.
Niets kan mij gebeuren, het kwade, onreinheid en ruzie, zij kunnen niet (de overhand) op mij krijgen. Ik ben het [die de poort] in de hemel [heb geopend], die regeert vanaf de troon en geoordeeld heeft over het nageslacht deze dag. Geen enkel kind heeft het [pad] van gisteren betreden, vandaag behoort aan mij), man voor man.
5Ik ben jouw beschermer voor miljoenen ┌jaren┐. Of gij nu bestaat als Hemel-volk of Aarde-volk, zuiderlingen, noorderlingen, oosterlingen of westerlingen, angst voor mij zit in uw buiken. Ik ben iemand die vormt met zijn oog en ik zal niet opnieuw sterven. Mijn macht zit in jullie buiken en mijn vormen zitten in mij. Ik ben iemand die niet kan worden gekend.
(Wat betreft) de roden, hun gezichten zijn tegen mij, maar ik ben blij dat deze tijdsperiode niet heeft bereikt van wat ik zou hebben gedaan tegen mij.
Waar is de hemel? Waar is de Aarde? Kinderen van ongeluk, zij kunnen niet verenigd worden. Mijn naam ┌mijdt┐ al het kwade. Effectief zijn de bezweringen die ik tot u spreek.
Ik ben het die opstijgt en schijnt, wal na wal, één voor één. Geen enkele dag is zonder zijn toepasselijke activiteiten als elke (dag) voorbijgaat, als elke (dag) voorbijgaat.
6Kijk, ik heb u gezegd, dat ik de bloesem ben die voortkwam uit de Diepte en Nut is mijn moeder. O gij die mij heeft geschept, ik ben iemand die niet lopen kan, de grote aanvoerder van gisteren, het aanvoerders gedeelte in mijn hand. Er is niemand die mij kent of mij zal kennen, er is niemand die mij grijpt of mij grijpen zal. O gij van het ei, o gij van het ei, ik ben Horus, presiderend over miljoenen.
Mijn verzengende adem is tegen hun gezichten, van wie hun harten tegen mij zijn. Ik regeer de troon, (ik) besteed deze tijd, de zijnde geopend voor mij, om van [al] het kwade te bevrijden.
Ik ben de gouden aap 3 palmen en 2 vingers hoog, geen handen en voeten hebbend, presiderend over Memphis. Als ik gedij, zal de aap die presideert over Memphis gedijen.
TOm te zeggen: ┌Moogt gij vriendelijk kijken op hen die┐ gij verdrijft.

Voetnoten.

1

Gebaseerd op Ea1 (18de dynastie).
Met correcties en toevoegingen voornamelijk gehaald uit Ca2 (18de dynastie).
Vignette van Cc3 (18de dynastie) toont en benoemd godheden vermeldt in § S 2.

2

Tamarisk, een altijd groene boom waarvan de as voor looien en verven wordt gebruikt.

Oude Egyptische aangehaalde documenten.

 

SymboolDatum en beschrijving:Zie:
1Ea18de dynastie hiërogliefen papyrus van Nu uit Thebe, BM 10477Hunefer etc., British Museum, Catalogus van de Egyptische religieuze papyri
2Ca18de dynastie hiërogliefen en hiëratisch papyrus van Ms-m-nṯr uit Thebe in het Louvre maar behorend tot het Caïro Museum.Edouard Naville, Das aegyptische Todtenbuch der XVIII. bis XX. Dynastie. Aus versehiedenen Urkunden zusainmengestelit und hrsg.... Berlin, 1886. 3 v. [Einleitung and I-I1.]
3Cc18de dynastie hiërogliefen papyrus van ꜥImn-ḥtp gekocht in Thebe, Caïro (Pap. Boulak 21)A. Mariette, Les papyrus egyptiens du Muse de Boulaq ... III (1876) Pls. 6-8, 4-5, 1-3, 9-11 ;* Nav.

Gebruikte afkortingen.

  • BM – British Museum
  • Ptol. – Ptolemaeïsche periode
  • Pers. – Perzische periode
  • OIP LXXXII – The Egyptian Book of the Dead documents in the Oriental Institute Museum at the University of Chicago, edited by Thomas George Allen. 1960.